Désiré Doué en Bradley Barcola
Twee van de meest opvallende afwezigen zijn Désiré Doué en Bradley Barcola van Paris Saint-Germain. De twee Parijse aanvallers kenden nochtans een bijzonder succesvol seizoen op collectief vlak. Met PSG wonnen ze Ligue 1 en voor het tweede jaar op rij de Champions League, na de Europese triomf van afgelopen voorjaar. Ook maakten ze deel uit van de Franse selectie op het WK 2026, waar Les Bleus de halve finales bereikten.
Een verklaring kan mogelijk worden gevonden in het slot van hun Europese campagne. Hoewel PSG zijn Champions League-titel verlengde, kenden beide aanvallers in de laatste rechte lijn van de competitie een terugval qua efficiëntie. Barcola scoorde zijn laatste Europese doelpunt in de heenwedstrijd van de achtste finales. Désiré Doué, die in de eerdere rondes nochtans bijzonder beslissend was, kwam vanaf de terugwedstrijd van de kwartfinales niet meer tot scoren. Dat gebrek aan aanvallende impact in de laatste wedstrijden heeft mogelijk meegespeeld bij het maken van de keuze tussen de verschillende kandidaten.
Raphinha en Pedri
Ook een ander duo viel uit de boot : Raphinha en Pedri. De twee spelers van Barça haalden de lijst niet. FC Barcelona won de Spaanse Supercup en domineerde vooral La Liga, waardoor de Catalanen hun 29e landstitel uit de clubgeschiedenis veroverden.
Voor Pedri is zijn afwezigheid des te verrassender omdat hij deze zomer met Spanje wereldkampioen werd en maar liefst zes andere Spanjaarden wel op de lijst staan. Je zou kunnen wijzen op zijn rol als invaller bij La Roja vanaf de kwartfinales, maar Ferran Torres had dat probleem niet en staat wel bij de 30 genomineerden, ook al valt te veronderstellen dat zijn doelpunt in de finale zwaar heeft doorgewogen. Met 2 doelpunten en 12 assists in 43 wedstrijden voor Barça had Pedri nochtans sterke argumenten.
Raphinha kende deze zomer geen succes met Brazilië, maar zijn seizoen bij Barça was uitzonderlijk. Hij maakte 21 doelpunten en gaf 8 assists in 33 wedstrijden en was een onmisbare schakel in de aanval van de Catalanen. Helaas miste hij door een hamstringblessure heel wat wedstrijden, waaronder de kwartfinales tegen Atlético Madrid in de Champions League. Die afwezigheid heeft zijn dossier waarschijnlijk geen goed gedaan.
In plaats van wie ?
Als we vier potentiële grote afwezigen aanduiden, moeten we ook stellen dat zij volgens die redenering duidelijk bepaalde namen op de lijst hadden kunnen vervangen. Om verschillende redenen roepen enkele nominaties vragen op.
Julian Quinones was op het WK een kleine sensatie met 4 doelpunten en 1 assist, in het verlengde van zijn 33 doelpunten in de Saudi League. Maar volstaan vijf wedstrijden en een uitschakeling in de achtste finales om voor de vier hierboven genoemde namen te eindigen ?
Hetzelfde geldt voor Sadio Mané, die zijn nominatie waarschijnlijk te danken heeft aan zijn prestaties op de Afrika Cup, waar Senegal de trofee veroverde om die enkele maanden later weer kwijt te raken. De Senegalees werd verkozen tot beste speler van het toernooi met 2 doelpunten en 3 assists in 7 wedstrijden.
Ook het duo Vinicius Jr. en Jude Bellingham beschikt over sterke argumenten, maar hun nominatie roept eveneens vragen op. De Braziliaan kende statistisch gezien een ongelooflijk seizoen met 22 doelpunten en 14 assists voor Real Madrid, maar won geen enkele trofee. Zijn WK was individueel wel geslaagd, met 4 doelpunten en 1 assist in 9 wedstrijden, maar Brazilië werd in de achtste finales uitgeschakeld door Noorwegen.
Bellingham blijft een uitstekende middenvelder, maar kwam vorig seizoen, lager op het veld bij Real, slechts tot 8 doelpunten en 5 assists. Ook hij was op het WK uitstekend op dreef met 7 doelpunten en 1 assist en leverde indrukwekkende prestaties tegen Mexico en Noorwegen in de knock-outfase.
Zijn er dit jaar dus echt spelers die onterecht over het hoofd zijn gezien ? Tijd voor het debat.













