Het was via zijn smartphone, schipperend tussen Flashscore en de club-app, dat Philippe Van Esch de kwalificatie van zijn club beleefde. “Ik had deze vakantie al heel lang gepland, dus ik kon er helaas niet bij zijn”, vertrouwde hij met een knipoog toe aan de Gazet van Antwerpen. Na het laatste fluitsignaal was de euforie zo groot dat het onmogelijk was om zijn staf onmiddellijk te bereiken: “Ik heb meteen iedereen proberen te bellen, maar ik kreeg niemand te pakken.”
Na een stroeve start van het kampioenschap heeft Malinwa de rug gerecht. Van Esch onderstreept het belangrijke werk van Fred Vanderbiest: “Fred is een echte man van het veld, en hij wint matchen. Hij laat zich niet beïnvloeden door wat de pers schrijft of door het geroep langs de zijlijn.”
Een van de architecten achter dit succesverhaal is de jonge Myron van Brederode, die momenteel de pannen van het dak speelt. Als essentieel puzzelstuk in de aanval belichaamt hij perfect de filosofie van de club: “Hij is een veelbelovende speler, een echt investeringsdossier, en het zal op termijn moeilijk zijn om hem te houden. Maar dat is onze werking: we geven spelers hun kans en laten hen daarna verder groeien.”
De Mechelse voorzitter is niet van plan om enkel figurant te zijn in de Champions’ Play-offs. Hij spreekt klare taal over de ambities voor de eindsprint: “Het doel is om Europees voetbal af te dwingen. Dat zou fantastisch zijn. We zijn nog niet de grootste club van België, maar niets houdt ons tegen om dat op een dag wel te worden.”













