Ondanks de goede bedoelingen is Club Brugge er dinsdag niet in geslaagd om Atlético Madrid te vloeren in eigen huis. In de return van de Champions League-tussenronde ging Blauw-Zwart met 4-1 onderuit tegen de Spaanse grootmacht. Daarmee komt er een einde aan de Europese campagne nog voor de achtste finales.
Diego Simeone had zich aan een lastige avond verwacht, terwijl Ivan Leko had beloofd dat Club er alles aan zou doen om te stunten. Die woorden werden op het veld omgezet in daden: de 70.000 toeschouwers in een kolkend Metropolitano zagen een felbevochten partij waarin de eindscore de krachtsverhoudingen niet volledig getrouw weergaf.
Ex-Gent-spits Alexander Sørloth zette Atlético op koers na een ogenschijnlijk ongevaarlijke fase. Hij troefde Brandon Mechele af op een uittrap van Jan Oblak en dwong Simon Mignolet vervolgens tot een fout (1-0, 23e).
De Brugse inspanningen werden echter beloond op een stilstaande fase: Joel Ordoñez kopte een corner van Christos Tzolis — via Mechele — tegen de touwen (1-1, 36e).
Leko en zijn manschappen kregen vlak na de rust echter een koude douche te verwerken. Na een afgeslagen voorzet controleerde Johnny Cardoso het leer aan de rand van de zestien, om vervolgens onhoudbaar uit te halen (2-1, 48e).
De Rojiblancos toonden zich daarna dodelijk efficiënt. Sørloth deelde een nieuwe dolksteek uit na een vlijmscherpe counter die hij zelf opzette en afrondde (3-1, 76e).
De Noor zette de kers op de taart door in de slotfase, bediend door Matteo Ruggeri, zijn hattrick te vervolledigen (4-1, 87e).
Club Brugge hoopte zich voor het tweede jaar op rij te plaatsen voor de achtste finales van het kampioenenbal. Vorig jaar strandde het in die fase tegen Aston Villa.













