Alles leek de Rode Duivels toe te lachen tot in de laatste seconden van de wedstrijd. Terwijl België rustig op weg was naar een 3-0-zege, ontstond er een opstootje tussen Nathan Ngoy en Arda Güler.
Gevraagd naar die fase erkende de Belgische verdediger dat hij zijn emoties beter had kunnen beheersen : ‘Hij begon me te duwen, me vast te grijpen en dingen in het Turks tegen me te zeggen. Ik begreep het niet. Ik loop dan een beetje weg, omdat dit iets is waar ik aan mezelf moet werken : mijn kalmte bewaren. Het is een beetje een slechte kant van mij, maar de volgende keer zal ik rustiger blijven.’
Op de vraag of de wedstrijd zonder dat incident perfect zou zijn geweest, bleef hij echter genuanceerd : ‘Laten we het daarop houden. Nee, er bestaat nooit een perfecte wedstrijd, maar het zou een betere wedstrijd van mijn kant zijn geweest.’
Voor dat incident had Ngoy vooral bijgedragen aan de defensieve stabiliteit van België, dat tegen Turkije geen enkel doelpunt slikte. Volgens hem is dat in de eerste plaats een collectieve verdienste : ‘Ik probeer elke wedstrijd het beste van mezelf te geven. Ik heb mijn soldaten achter me, maar niet alleen achter me. De hele ploeg werkt en helpt ons ook achterin. We verdedigen samen, we vallen samen aan en dat is de kracht van onze groep. Ik ben blij met iedereen.’
Die defensieve stabiliteit werd na de rust op de proef gesteld toen Turkije nadrukkelijker naar voren trok. Ngoy geeft toe dat de Duivels het zichzelf soms moeilijk maakten : ‘Ik denk dat we het onszelf moeilijk hebben gemaakt. We hadden de bal misschien wat meer kunnen bijhouden en op bepaalde momenten wat meer kunnen temporiseren. Maar goed, we zullen ervan leren. Het belangrijkste is dat we deze drie punten hebben gepakt, dus dat is het enige wat we onthouden.’
Tot slot werd de 23-jarige verdediger van Lille ook gevraagd naar de keuze van Mark van Bommel om een ploeg op te stellen die sterk leek op de basiself tegen Frankrijk : ‘We wisten eerlijk gezegd niet wat we konden verwachten. Ik denk dat iedereen klaar moet staan. Je weet nooit wat er kan gebeuren. We zijn professionele spelers en weten hoe we met zulke zaken moeten omgaan. Ik denk dat iedereen, wie er ook op het veld staat, het maximale zal geven. Het is voetbal, zo gaat dat.’













