Met een droge 0-2 eindstand trok Manchester City aan het langste eind in de League Cup-finale tegen Arsenal. Mocht dit inderdaad het laatste seizoen van Pep Guardiola op de bank van de Citizens zijn, dan zal het in elk geval niet zonder eremetaal eindigen. Gedragen door een fenomenale Nico O’Reilly maakten Rayan Cherki en zijn ploeggenoten in de tweede helft het verschil om de negende League Cup in de prijzenkast bij te zetten.
De wedstrijd kantelde in een tijdsbestek van amper vier minuten rond het uur. De jonge middenvelder Nico O’Reilly kroonde zich tot de held van de finale door twee keer raak te knikken (60e, 64e). Bij de openingstreffer profiteerde de Citizen van een «reusachtige blunder» van Gunners-doelman Kepa Arrizabalaga om de ban te breken. Een mokerslag die Arsenal niet meer te boven kwam.
Met dit succes legt Manchester City beslag op een trofee die het sinds 2021 niet meer had omhooggehouden. Voor Pep Guardiola is het de vijfde keer dat hij de League Cup wint sinds zijn komst naar Engeland. De overwinning bezorgt de Catalaanse oefenmeester dit jaar een hoofdprijs, op een moment dat de titelstrijd in de competitie een lastig verhaal lijkt te worden.
Voor Mikel Arteta en zijn manschappen is de teleurstelling groot, maar de troostprijs zou weleens vele malen groter kunnen zijn. Als huidige koploper in de Premier League tellen de Londenaren namelijk een voorsprong van negen punten op... Manchester City. Ondanks de opdoffer op Wembley blijft Arsenal de torenhoge favoriet voor de Engelse landstitel.













