« Er is veel gezegd en geschreven over zondag », opende Coosemans met een kleine grijns. « Het is duidelijk dat ik er achteraf niet fier op ben. Het hoeft zich niet te vaak te herhalen, maar dat zal ook niet. Dit is geen wederkerend fenomeen bij mij. Er zijn in een voetbalwedstrijd verschillende stakeholders. Je hebt ploegmaats, tegenstanders, scheidsrechters, supporters en bestuursleden. Ik voel me kapitein van Anderlecht. Dat is in eerste instantie mijn functie. Ik moest zondag iemand zijn die ik eigenlijk niet ben. Het gaat voor mij over resultaten over de streep trekken. Daar draait voetbal om. En meer moet je er ook niet achter zoeken. »
Coosemans refereerde vervolgens naar de rode kaart van Mihajlo Cvetkovic, die werd uitgedaagd door AA Gent-verdediger Siebe Van der Heijden. « De speler van Gent heeft in verklaringen achteraf toegegeven dat hij overdreef in zijn gedrag », aldus Coosemans. « Bij ons zorgde de rode kaart voor frustraties. De rust van vijftien minuten volstond voor ons niet om die gevoelens een plaats te geven. En zo is er gebeurd, wat er is gebeurd. Ik begrijp de commotie van buitenaf, maar iedereen beseft ook wel dat je er in deze fase van de competitie alles aan wil doen om een resultaat te halen. »













