Mathieu van der Poel heeft de vierde etappe in de Tirreno-Adriatico (2.WorldTour) op zijn naam geschreven. Na een rit van 213 kilometer tussen Tagliacozzo en Martinsicuro toonde de Nederlander van Alpecin Premier-Tech zich de sterkste in een sprint van een uitgedund peloton. Hij verwees de Italiaan Giulio Pellizzari (Red Bull-BORA-hansgrohe) naar de tweede plek, al mocht die als troostprijs de blauwe leiderstrui aantrekken.
In het spoor van de Noor Tobias Halland Johannessen (Uno-X Mobility) en de Fransman Clément Champoussin (XDS Astana) sprintte Wout van Aert (Visma-Lease a Bike) naar een vijfde plaats.
In het algemeen klassement verdedigt Pellizzari een minieme voorsprong van 2 seconden op de Mexicaan Isaac Del Toro (UAE Team Emirates-XRG), die naar de tweede plaats zakt. De Sloveen Primoz Roglic (Red Bull-BORA-hansgrohe) vervolledigt het podium op 21 seconden van zijn ploegmaat.
Een kwaliteitsvolle vluchtersgroep van twaalf man, met onder meer Laurenz Rex (Soudal Quick-Step), de Noor Jonas Abrahamsen (Uno-X Mobility) en de jonge Nederlander Tibor del Grosso (Alpecin-Premier Tech), kleurde de beginfase van de dag.
Nadat de vluchters aan de voet van de laatste klim (Tortoreto, 1,5 km aan 8,4%) op 15 kilometer van de meet werden gegrepen, dicteerde Matteo Jorgenson het tempo met Wout van Aert in zijn wiel. Een veertiental renners, waaronder alle grote favorieten, doken samen de dieperik in richting de finish.
In de vlakke slotkilometers bleef Jorgenson onvermoeibaar op kop beuken, ondanks de aanwezigheid van verschillende snelle mannen. Uiteindelijk was het Van der Poel die het ideale moment uitkoos om zijn 58e profzege binnen te halen — al zijn tweede bloemtuil in deze Tirreno-Adriatico 2026.
Vrijdag zijn de punchers en klimmers aan het feest in de vijfde etappe, een rit van 184 kilometer tussen Marotta-Mondolfo en Mombaroccio. De finale bestaat uit twee lokale rondes met de beklimming van de Santuario Beato Sante (4,2 km aan 6,2%). Daarna volgen er nog twee ritten tot de slotdag in San Benedetto del Tronto, waar vorig jaar de Spanjaard Juan Ayuso aan het langste eind trok.













