Nu hij net zijn zesde opeenvolgende Masters 1000-toernooi op zijn naam heeft geschreven en Carlos Alcaraz bovendien tot Wimbledon in de lappenmand ligt, is Jannik Sinner wellicht goed op weg naar het meest dominante seizoen in de geschiedenis van het moderne tennis. Er lijkt dit jaar dan ook een koninklijke weg open te liggen voor de nummer één van de wereld aan de Porte d’Auteuil. Francesca Schiavone, de winnares van Roland Garros in 2010, trapt echter op de rem: «De weg is nog lang. We hebben tegenwoordig de neiging om te denken dat Jannik overal zomaar moet winnen, maar dat is niet zo. Wat hij presteert, heeft hij zelf verdiend. Het is loodzwaar.»
Sinner moest vorig jaar in Parijs immers een immense opdoffer incasseren tegen zijn Spaanse rivaal. Een nederlaag die hij omschrijft als «een van de moeilijkste momenten» uit zijn carrière en die hij aanvankelijk «moeilijk kon accepteren»: «Ik zou liegen als ik zei dat het makkelijk was om de knop om te draaien. Ik probeer de dingen altijd snel achter me te laten, zelfs wanneer ik win. Dat is ook hoe ik er vlak daarna in slaagde om Wimbledon te winnen. Maar ik heb wel heel wijze lessen getrokken uit die nederlaag in Parijs.»
L’Équipe vroeg Sinner daarnaast in welke mate hij denkt zijn absolute topniveau al te hebben benaderd: «Ik geloof niet dat je op je 24e al aan honderd procent van je potentieel kunt zitten. Mijn ambitie is om daar over enkele jaren te aan te tikken.» Maar hoe zou een Sinner in de absolute vorm van zijn leven er dan uitzien, als je het duizelingwekkende niveau van dit seizoen al in ogenschouw neemt? «Een speler met een ijzersterke service. Agressief, maar tegelijkertijd in staat om elke spelsituatie perfect te lezen. Maar ik kan de toekomst helaas niet voorspellen.» Sinner bleef er, zoals zo vaak, uiterst bescheiden onder.













