Na drie opeenvolgende nederlagen in de competitie haalde Standard afgelopen weekend ademruimte in de Beker van België door Dender uit te schakelen. Een wedstrijd waarin de Luikenaars evenwel niet echt konden bekoren.
Matthieu Epolo verscheen vrijdag op de persconferentie om vooruit te blikken op het duel van zondag in Genk. De Luikse sluitpost beseft maar al te goed dat er in Limburg uit een ander vaatje getapt moet worden, al is een overwinning voor hem veel belangrijker dan een goede prestatie : « Het is niet alleen het mooie spel dat telt. Ik speel liever een slechte match — dat het team een slechte match speelt, maar we er wel vijf winnen — dan vijf keer goed te spelen en ze alle vijf te verliezen. »
Volgens de Congolese international is dat een mentaliteit waaraan De Rouches moeten werken. « Het is die killer instinct die ons misschien ontbreekt », geeft hij toe. « Dat komt niet van vandaag op morgen. We moeten blijven werken, volharden en dan denk ik dat het wel goed komt. »
Toch vindt Epolo niet dat de Luikse kern té braaf is. Hij denkt vooral dat spelers bepaalde dingen soms voor zich houden en dat die winnaarsmentaliteit meer geuit moet worden.
Leiderschap is volgens Epolo echter niet iedereen gegeven : « Ik heb al gesproken met mental coaches en ik denk dat het iets aangeboren is. Spelers zoals ikzelf, Marlon, Casper, Marco… er zijn genoeg spelers die ons dat killer instinct, die leiderschapsgeest kunnen overbrengen. Iedereen moet die leidersgeest hebben. Je hoeft de aanvoerdersband niet te dragen om eens flink van je tak te maken tijdens een match, in de kleedkamer, of om een kans af te maken wanneer je het moeilijk hebt. Als je die kans krijgt en je maakt het niet af, win je de wedstrijd niet. »
Epolo, intussen een van de sterkhouders van Standard, nadert gestaag de kaap van de 100 wedstrijden. Hij trok het shirt van De Rouches al 73 keer aan.
Maar zal hij die symbolische grens ook effectief bereiken ? « Hoeveel wedstrijden resten er nog tot het einde van het seizoen ? », vroeg hij zich af aan de aanwezige journalisten in de zaal.
Een antwoord dat doet vermoeden dat een vertrek niet ver af is, ook al werd hem erop gewezen dat er voor het einde van het seizoen nog voldoende matchen zijn om de kaap van 100 optredens te ronden. Al zit de wintermercato er tussendoor nog aan te komen. « Dat zien we dan wel, we weten hoe het gaat tijdens een transferperiode », geeft hij toe. « Er spelen heel wat aspecten mee : het belang van de club, of zij me moeten verkopen of dat ik zelf wil vertrekken. Nu ben ik gefocust op Standard, gefocust op de match van zondag. Laten we hopen op de zege en dat is het. »













