De regerende tweevoudige Europese kampioen, die zijn eerste twee Europese wedstrijden had gewonnen, ontving een Barcelona in bloedvorm. De Catalanen voeren immers La Liga aan met negen overwinningen in evenveel wedstrijden en al 39 gemaakte doelpunten.
PSG liet zich als eerste opmerken met een schot van Kvicha Kvaratskhelia tegen de paal (2e). Barcelona groeide geleidelijk in de wedstrijd, maar slaagde er niet in om voor meer dreiging voor het doel te zorgen. De Parijzenaars kwamen steeds dichter bij de openingstreffer en Désiré Doué vond uiteindelijk een gaatje met een schot van buiten het strafschopgebied (38e, 1-0). Even later liet Fermín een uitgelezen kans liggen in een één-tegen-één met Matvey Safonov (40e).
Na de rust bleef de wedstrijd hetzelfde aanvallende karakter behouden, met kansen aan beide kanten. De inspanningen van Barcelona werden in de 55e minuut beloond, toen Xavi Espart met een schot waarop Safonov geen antwoord had de gelijkmaker scoorde (1-1).
In de 71e minuut trof Ferran Torres de paal, al stond hij daarbij buitenspel. De fase leverde uiteindelijk een hoekschop op, waaruit Lucas Hernandez PSG opnieuw op voorsprong bracht (72e, 2-1). Lang kon de thuisploeg daar niet van genieten, want Lamine Yamal bracht Barcelona met een krachtig schot van dichtbij opnieuw langszij (79e, 2-2).
De comeback van Barça bleef echter niet duren. Vitinha zette PSG al snel weer op voorsprong (81e, 3-2), waarna Fabian Ruiz de Parijse overwinning veiligstelde (87e, 4-2).
In de tussenstand behoudt PSG met negen punten de leidersplaats. Barcelona staat voorlopig vijfde met zes punten.













