De voorbereidingswedstrijden voor het WK tussen gekwalificeerde landen zijn donderdag geëindigd met een 1-2-nederlaag van Frankrijk tegen Ivoorkust en een 1-1-gelijkspel van Spanje tegen Irak.
In Nantes liet Didier Deschamps de spelers van PSG, die pas dinsdag waren aangekomen, op de bank beginnen. Hoewel Frankrijk veel kansen creëerde, kwam het meermaals goed weg. Vlak voor het doelpunt van Rayan Cherki (45e, 1-0) pakte Mike Maignan uit met een knappe redding op een schot van Simon Adingra (42e). Na de rust voerde Deschamps tal van wissels door, maar de Fransen slaagden er niet in het tempo op te voeren. Guela Doué strafte dat af (53e, 1-1). De broer van de Franse international Désiré Doué liet zich opnieuw opmerken met een teruggetrokken voorzet in het strafschopgebied, die door Amad Diallo werd binnengetikt (84e, 1-2).
In A Coruña voerde Luis de la Fuente enkele tests door met Borja Iglesias in de spits en Joan Garcia in doel. De Iraakse bondscoach Graham Arnold rekende op Ali Jasim, een nummer tien die vanaf de flank opereerde. De verdedigend goed georganiseerde Leeuwen van Mesopotamië konden niet verhinderen dat Ferran Torres zijn 24e doelpunt voor La Roja maakte (16e, 1-0). Spanje domineerde de wedstrijd, maar Irak kwam langszij via Merchas Doski (27e, 1-1).
Met liefst 22 wissels, waarvan 17 al vanaf de 62e minuut, werd de tweede helft veel rommeliger. Omdat Spanje moeilijk gevaar kon creëren in de laatste derde van het veld, speelde het grootste deel van de actie zich af op het middenveld.
Na een 3-1-nederlaag in Noorwegen speelde Zweden vervolgens 2-2 gelijk tegen Griekenland, waar Christos Tzolis tot de 80e minuut op het veld stond. Op aangeven van de Bruggeling opende Konstantinos Tsimikas de score (10e, 0-1). Viktor Gyökeres (53e, 1-1) en Gustaf Nilsson, eveneens aanvaller van Club Brugge (69e, 2-1), brachten Zweden opnieuw op voorsprong, maar Georgios Masouras legde in blessuretijd de eindstand vast (90+5, 2-2).













