Jarno Widar, de Belgische verrassing van de vierde Vuelta-etappe : “Ik heb mezelf ook een beetje verbaasd”

Jarno Widar, de Belgische verrassing van de vierde Vuelta-etappe : “Ik heb mezelf ook een beetje verbaasd” - Circus Daily

Jarno Widar eindigde als tweede in de vierde etappe, achter Tadej Pogacar.

circus
Foto
Belga

Dé verrassing van de vierde etappe van de Vuelta : Jarno Widar, de Belgische renner van Lotto-Intermarché, is erin geslaagd om als tweede te eindigen achter de ongenaakbare Tadej Pogacar !

Een mooi verhaal voor de 20-jarige renner, die in februari aan zijn eerste seizoen bij de profs begon. Volgens HLN was hij bijzonder sterk aan het seizoen begonnen met een vierde plaats in de Figueira Champions Classic. Daarna kreeg hij af te rekenen met verschillende blessures en moest hij de Waalse klassiekers aan zich voorbij laten gaan. Hij kon enkele etappes van de Ronde van Burgos rijden, waar hij zijn talent liet zien, voordat hij ziek werd. Hij maakte in de Vuelta zijn echte comeback met heel wat vraagtekens, maar dinsdag stond hij er !

“Ik voelde me best goed”, vertelde hij in het interview na de wedstrijd. “Toen ‘Pogi’ versnelde, koos ik voor mijn eigen tempo en kon ik terugkomen bij de achtervolgende groep. Nadien had ik het moeilijk op de Coll d’Ordino, maar ik wist dat die laatste twee knikjes me beter lagen dan die lange beklimmingen. Ik had dus vertrouwen dat ik erover ging geraken.”

In de sprint slaagde hij erin Primoz Roglic en Felix Gall achter zich te laten :

“Ik moest met snelheid van achteruit komen en dat is gelukt. Voor mijn gewicht ben ik best snel aan de meet. Tweede worden na de beste renner ooit is niet slecht. Ik ben fier, maar ik heb mezelf ook een beetje verbaasd. Het is een kinderdroom dat ik in dit peloton mag rijden.”

Heeft Widar na deze tweede plaats nu ook nieuwe ambities voor het algemeen klassement ? Hij staat negende, op amper 34 seconden van een podiumplaats :

“Ik bekijk het dag per dag. Als ik me goed voel, hoop ik nog eens zo’n uitslag te rijden. Ik ben hier nog steeds niet voor een klassement.”