Zondag stond er een topper op het programma in de Portugese competitie: Benfica (3e) ontving leider Porto. Het was een bijzondere wedstrijd voor José Mourinho, die in 2004 de Champions League won met de Dragons, maar vandaag op de bank zit bij de club uit Lissabon.
Benfica keek tegen een 0-2-achterstand aan, maar sleepte in de 88e minuut alsnog een gelijkspel uit de brand. Na dat doelpunt werd José Mourinho uitgesloten. Hij trapte een bal richting de bank van Porto, al ontkent hij dat dit zijn bedoeling was : « Ik weet dat ik technisch niet de beste ben. Ik wilde de bal gewoon in de tribunes schieten om een supporter blij te maken. De vierde scheidsrechter was de hele wedstrijd rampzalig en op dat moment is hij naar de hoofdscheidsrechter gegaan om te zeggen dat ik de bal bewust naar de bank van Porto had geschoten ».
De woede van de Special One richting de bank van Porto kwam echter vooral door een woordenwisseling met Lucho González, de voormalige speler van Porto en Marseille, die nu assistent is bij Porto. « Die man heeft me minstens 30 keer een verrader genoemd en ik wilde daar graag een uitleg voor », vertelde Mourinho na de wedstrijd. « Ik, een verrader? Ik ging naar Porto en gaf alles. Ik ging naar Chelsea en gaf alles. Ik ging naar Real Madrid en gaf alles. Zelfs bij Inter of Fenerbahçe: ik heb mijn leven gegeven, 24 uur per dag, zeven dagen per week, voor de clubs waar ik gewerkt heb. Dat noemt men professionalisme. »
Lucho González was bovendien niet de enige die kritiek kreeg van Mourinho. De trainer haalde ook uit naar supporters van Porto die hem nu uitfluiten sinds hij coach is van hun rivaal uit Lissabon : « Het zijn dezelfde supporters bij wie ik jaren geleden niet eens door de stad kon wandelen, omdat ze aan mijn voeten knielden. Nu beledigen ze mij. Geen probleem. Maar dat een collega mij een verrader noemt? Een verrader van wat? Omdat ik alles geef voor Benfica? Dat heb ik niet geapprecieerd. Misschien vertrek ik morgen bij Benfica en ga ik naar een andere Portugese club, en zal ik daar ook alles geven. Maar een verrader? Dat vond ik niet kunnen ».













